Categorie archief: vergaderruimte huren rotterdam

De onrendabele top

De onrendabele top is het negatieve verschil tussen een economisch verantwoorde maximaal haalbare investering en de feitelijke investering. De maximaal haalbare investering kan men berekenen door de netto kasstroom gedurende de exploitatieperiode contant te maken tegen een vergaderruimte huren amsterdam bepaalde rendementseis. De feitelijke investering is gelijk aan de aankoopsom inclusief kosten, bij aankoop van een object, of de stichtingskosten all-in bij nieuwbouw van een pand. Hoewel de contante waarde van de toekomstige netto kasstromen als maximale investering gebaseerd is op een bedrijfseconomische benadering en daarmee de meest zuivere benadering is, zijn er ook methoden die een vergaderruimte huren leeuwarden boekhoudkundige benadering gebruiken. Deze laatste methoden leiden mogelijk tot geheel andere resultaten. In dit vraagstuk worden beide methoden behandeld. Situatie Een woningcorporatie moet een complex bouwen waarvan de stichtingskosten all-in € 6.000.000 bedragen. De woningcorporatie wil het complex 50 jaar exploiteren. De restwaarde aan het eind van de exploitatieperiode stelt de corporatie op 0. De woningcorporatie wil de onrendabele top op deze investering bepalen. Uitgangspunten – Investering: € 6.000.000 – Betaalbare huur jaar 1: € 300.000 per jaar – Exploitatiekosten jaar 1: € 60.000 per jaar – Huurstijging: 2,5% per jaar – Stijging vergaderruimte huren rotterdam exploitatiekosten: 2,5% per jaar – Rendementseis: 6,5% per jaar – Exploitatieperiode: 50 jaar – Restwaarde aan het eind exploitatieperiode: 0 Verder geldt 1. Alle kasstromen zijn per einde jaar; 2. Alle bedragen zijn inclusief niet terugvorderbare BTW. HOOFDSTUK 7 – VRAAGSTUKKEN 211 Vragen A 1. Teken het kasstroomschema van dit project 2. Wat is de onrendabele top? B De onrendabele top wordt volledig gesubsidieerd (de stichtingskosten all-in worden verminderd met de subsidie). Verder betalen de huurders keurig hun huur en worden de geraamde exploitatiekosten ook daadwerkelijk uitgegeven. Wat is de bedrijfswaarde van dit complex aan het eind van het eerste jaar? C In de boekhouding schrijft de administratie het complex in 50 jaar lineair af naar nul. 1. Welke boekwaarde hanteert de administratie aan het eind van het eerste jaar? 2. Hoe groot is bij deze methode het exploitatietekort in het eerste jaar? 3. Gedurende hoeveel jaren laat de exploitatie, bij deze methode, een tekort zien? 4. De boekhouding stelt dat als gevolg van de exploitatietekorten de onrendabele top nog hoger vergaderruimte huren zwolle moet zijn dan onder A berekend is. Is deze redenering juist? D 1. Als de boekhouder in het eerste jaar geen exploitatietekort wil, hoe hoog zou dan de huur in het eerste jaar moeten zijn? 2. Laat in een grafiek het verloop zien van de boekhoudkundige huur (de huur waarbij geen boekhoudkundig exploitatietekort optreedt) en de betaalbare huur. E Laat in een grafiek zien hoe de boekwaarde en hoe de bedrijfswaarde zich in de tijd ontwikkelen.