De Afdeling rechtspraak

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

In een uitspraak van de Afdeling rechtspraak werd als volgt geoordeeld. De gemeente vordert van een bouwvergunningaanvrager ingevolge haar ‘Bijdrageregeling ontsluiting particulier bouwterrein’ een bijdrage in de door haar gemaakte en/of te maken kosten van bouwrijp maken van de kantoorruimte huren amsterdam grond. Deze bijdrage wordt gevorderd als voorwaarde voor het verlenen van een ‘privaatrechtelijke toestemming’ tot uitwegen op aan de gemeente in eigendom toebehorende of bij haar in beheer zijnde wegen bij voorgenomen bebouwing of uitbreiding van bestaande bebouwing op terreinen, gelegen langs die wegen. De vordering kantoorruimte huren leeuwarden van de bijdrage is een besluit dat gericht is op rechtsgevolg, namelijk het doen ontstaan van een betalingsverplichting. Zij is ondanks de aanduiding ‘privaatrechtelijk’ niet te beschouwen als een rechtshandeling naar burgerlijk recht, omdat zij niet is geschied op grond van een gesloten overeenkomst, doch op grond van eenzijdige oplegging krachtens vorenbedoelde bijdrageregeling, die in haar aanhef een verwijzing bevat naar art. 168 Gemw en die strekt tot verhaal van kosten, die de gemeente niet als eigenaresse, doch als onderhoudsplichtige heeft gemaakt. Uit tekst en geschiedenis van de totstandkoming van art. 14 Wegenwet kan worden kantoorruimte huren rotterdam afgeleid, dat op grond van het bepaalde in het eerste lid de rechthebbende op een openbare weg en de berm (in casu de gemeente) heeft te dulden dat het publiek deze weg overeenkomstig de bestemming gebruikt. Onder zodanig gebruik overeenkomstig de bestemming moet tevens worden verstaan het gebruik van de weg voor de ontsluiting van aan die weg grenzende terreinen, waartoe het uitwegen op die weg dient te worden gerekend. Het kan niet de bedoeling van de wetgever zijn geweest wel een gedoogplicht te scheppen voor de aanleg van uitwegen, doch niet voor het gebruik daarvan. De Bijdrageregeling ontsluiting particulier bouwterrein is daarom in strijd met art. 14 Wegenwet en derhalve onverbindend. Mitsdien is ook het besluit van kantoorruimte huren zwolle burgemeester en wethouders, waarbij de heffing is opgelegd, in strijd met de wet genomen. (ARRvS 1 september 1977, nr. A-3212, 1976)

Overige milieuwetgeving

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Men moet peilbesluiten nemen waarin de waterstanden worden aangegeven die de beheerder moet trachten te handhaven.
Wet verontreiniging zeewater De Wet verontreiniging zeewater regelt lozingen en verbrandingen van afvalstoffen op zee met behulp van schepen en storting in zee van afvalstoffen uit kantoorruimte huren amsterdam luchtvaartuigen.
Wet voorkoming verontreiniging door schepen De Wet voorkoming verontreiniging door schepen beoogt de verontreiniging van de zee ten gevolge van de lozing van olie en schadelijke vloeistoffen door schepen tegen te gaan.
9.16.2 Wet inzake de luchtverontreiniging
De Wet inzake de luchtverontreiniging (Wet LUVO) geeft regels in het belang van het voorkomen of beperken van kantoorruimte huren leeuwarden luchtverontreiniging. Op basis van de wet zijn vele AMvB’s en ministeriële besluiten genomen waarin de normstellingen te vinden zijn voor de concentraties luchtvervuilende stoffen.
•Voorbeeld Het Besluit zwavelgehalte brandstoffen geeft het maximale zwavelgehalte voor diverse soorten brandstoffen aan. Andere voorbeelden zijn het Besluit typekeuring motorrijtuigen luchtverontreiniging (voor nieuwe auto’s) en het Besluit kwaliteitseisen brandstoffen wegverkeer.
De Wm-vergunning is één van de instrumenten om uitvoering te geven aan de regels van de Wet LUVO. Via deze vergunning kantoorruimte huren rotterdam worden voorschriften opgelegd aan inrichtingen (bedrijven). Naast de luchtverontreiniging door inrichtingen is er luchtverontreiniging door toestellen, brandstoffen en verontreinigende handelingen. Op grond van de Wet LUVO kunnen regels worden gesteld waarin bijvoorbeeld het gebruik van een toestel geheel of behoudens vergunning of keuring wordt verboden.
9.16.3 Wetgeving voor de bodem
De wetten die de kantoorruimte huren zwolle bescherming van de kwaliteit van de bodem (mede) als doelstelling hebben zijn de Wet bodembescherming, Meststoffenwet , Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en Wet ammoniak en veehouderij.

Een monitoringsprotocol

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Titel 16.2 van de Wm behandelt broeikasgassen en broeikasgasemissierechten, Titel 16.3 stikstofoxiden en NO,-emissierechten. Titel 16.2 is alleen van toepassing op inrichtingen waarin zich een of meer broeikasgasinstallaties bevinden. In het Besluit handel in emissierechten, een AMvB die kantoorruimte huren amsterdam steunt op art. 16.2 Wm, worden categorieën activiteiten aangewezen die een emissie van C02 in de lucht veroorzaken. Indien een bedrijf een broeikasgasinstallatie bevat waarin de AMvB-activiteiten worden verricht, valt het bedrijf onder titel 16.2 van de Wm. Het gaat om bedrijven die veel C02 uitstoten: energieactiviteiten, productie en verwerking van ferrometalen, delfstoffenindustrie en kantoorruimte huren leeuwarden als overige activiteiten: vervaardiging van pulp uit hout of andere vezelhoudende materialen, vervaardiging van papier en karton met een gezamenlijke productiecapaciteit per inrichting van meer dan 20 ton per dag.
Volgens art. 16.5 Wm is het verboden zonder vergunning van het bestuur van de emissieautoriteit: a een inrichting in werking te hebben; b een inrichting uit te breiden; c een inrichting te veranderen of de werking daarvan te veranderen op zodanige wijze dat dit significante gevolgen heeft voor kantoorruimte huren rotterdam de emissie van broeikasgassen in de lucht dan wel voor het monitoringsprotocol dat van de vergunning deel uitmaakt; d het voor de betrokken inrichting geldende monitoringsprotocol ingrijpend te veranderen.
Een monitoringsprotocol bevat voor de inrichting een beschrijving van de wijze waarop: a de jaarvracht wordt bepaald – dat is totale hoeveelheid van een emissie gedurende een kalenderjaar; b het brandstofverbruik en het grondstofgebruik worden bepaald; c gegevens die daarop betrekking kantoorruimte huren zwolle hebben, worden geregistreerd en bewaard; en d aan het bestuur van de emissieautoriteit verslag wordt gedaan van de jaarvracht en de gegevens betreffende het brandstofverbruik en het grondstofgebruik.

Stoffen en producten

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Stoffen en producten
Titel 9.2 Stoffen, preparaten en genetisch gemodificeerde organismen en Titel 9.3 De EG-verordening registratie, evaluatie en autorisatie van chemische stoffen (REACH) zijn in hoofdstuk 9 van de Wm opgenomen ter implementatie van de Europese stoffenregelgeving. Deze kantoor huren amsterdam regelgeving betreft de invoer, de productie, het gebruik van en handel in chemische stoffen en is vooral van belang voor ondernemingen die chemische stoffen produceren, importeren, gebruiken of in de handel brengen. REACH legt producenten, importeurs en andere beroepsmatige en industriële gebruikers de verplichting op informatie te verzamelen over de eigenschappen van een stof, de aan het gebruik kantoor huren leeuwarden verbonden risico’s te beoordelen en de nodige maatregelen te nemen om de eventueel door hen geconstateerde risico’s te beheersen. Door het opleggen van deze verplichtingen is de bewijslast voor het veilig in de handel brengen van chemische stoffen verschoven van de overheid naar de industrie. Titel 9.2 van de Wm is de basis kantoor huren rotterdam voor het kunnen vaststellen van een AMvB waarin de REACH-regelgeving is uitgewerkt. Zo bepaalt art. 9.2.2.1 dat bij AMvB indien een redelijk vermoeden is gerezen dat door handelingen met stoffen, preparaten of genetisch gemodificeerde organismen ongewenste effecten voor de gezondheid van de mens of voor het milieu zullen ontstaan, regels worden gesteld met betrekking tot het vervaardigen, in Nederland kantoor huren zwolle invoeren, toepassen, bewerken, verwerken, voorhanden hebben, aan een ander ter beschikking stellen, vervoeren, uitvoeren en zich ontdoen van deze stoffen, preparaten of organismen.

Vergunningen voor inrichtingen

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Aan inrichtingen die ernstige nadelige gevolgen voor het milieu kunnen veroorzaken, kunnen voorschriften worden opgelegd die verplichten tot het stellen van financiële zekerheid tot nakoming van de milieuvoorschriften of als dekking voor eventueel veroorzaakte milieuschade, bijvoorbeeld kantoor huren amsterdam door een bankgarantie of een milieuaansprakelijkheidsverzekering. Financiële zekerheid kan alleen gevraagd worden in de categorieën gevallen die in een AMvB worden aangegeven. Reeds genoemd is de mogelijkheid om een vergunning te verlenen voor een wat andere inrichting dan is aangevraagd. Die beperking mag niet zo ver gaan dat de vergunning betrekking heeft op een kantoor huren leeuwarden wezenlijk andere inrichting. Ook de voorschriften mogen niet zo streng zijn dat een andere inrichting zou ontstaan dan uit de aanvraag blijkt.
•Voorbeeld Een omwonende ging in beroep tegen de beschikking van burgemeester en wethouders van Steenwijk, waarbij een oprichtingsvergunning op grond van de Hinderwet was afgegeven voor een transportbedrijf. Aan het bedrijf waren zodanige geluidsvoorschriften opgesteld dat slechts één van de twee voor het bedrijf beschikbare opritten kon worden kantoor huren rotterdam gebruikt, om de geluidsbelasting ten opzichte van een woning aanvaardbaar te houden. Daaraan kleefde volgens de Afdeling geschillen van bestuur evenwel het bezwaar dat de vrachtwagens over het aangrenzende terrein van een nabijgelegen benzinestation zouden moeten rijden, hetgeen een normale bedrijfsvoering onmogelijk zou maken.
Uit de vergunningaanvraag was niet af te leiden dat vergunninghouder beoogd had uitsluitend die inrit te kantoor huren zwolle willen benutten. Dit impliceerde dat de vergunninghouder in feite geen gebruik kon maken van zijn vergunning zoals deze was aangevraagd: ‘Zulks verdraagt zich niet met het systeem van de wet die ervan uitgaat dat op basis van de aanvraag zoals deze is ingediend, wordt beschikt.’ (AGRvS 25 januari 1991, nr. GOS.89.0762)

Een MER voor een plan

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

In art. 13.1 Wm staan twaalf milieuwetten of wettelijke milieubepalingen genoemd, bijvoorbeeld de Wet geluidhinder en de Ontgrondingenwet. Op grond van de Wet milieubeheer of deze twaalf wetten of wettelijke bepalingen worden op aanvraag vergunningen of ontheffingen gegeven kantoor huren amsterdam waarbij de
openbare voorbereidingsprocedure volgens afdeling 3.4 Awb wordt gevolgd. Voor deze vergunningen of ontheffingen moet in bepaalde gevallen tevoren een MER worden gemaakt. Art. 13.2 Wm geeft voor de procedure van de beslissing op deze aanvragen enkele speciale aanwijzingen: van de aanvraag moet bijvoorbeeld uiterlijk tien weken na ontvangst worden kantoor huren leeuwarden kennisgegeven en van de aanvraag die betrekking heeft op een werk of een inrichting vindt terinzagelegging van de aanvraag plaats bij de gemeente waar het werk of de inrichting zal liggen.
Het Besluit milieu-effectrapportage wijst de activiteiten aan, die belangrijke nadelige gevolgen kunnen hebben voor het milieu. Daarbij worden een of meer besluiten van bestuursorganen ter zake van die activiteiten aangewezen, bij de voorbereiding waarvan een MER moet worden gemaakt (art. 7.2 Wm). Vaak zijn dat besluiten op grond van de Wet milieubeheer of de andere milieuwetten die in art. 13.1 Wm zijn genoemd. Er wordt dan een MER gemaakt voor het besluit ten behoeve van een bepaalde activiteit.
Op 27 juni 2001 is richtlijn nr. 2001/42/EG van de Europese Unie uitgebracht. De daaraan voorafgaande EU-richtlijnen inzake milieueffectbeoordeling hadden voornamelijk betrekking op besluiten en niet op plannen. Daardoor vond in EU-landen de beoordeling van milieueffecten vaak pas kantoor huren rotterdam in een laat stadium plaats omdat niet op een hoger niveau dan het besluit-niveau over de milieueffecten behoefde te worden nagedacht. Zo kon bijvoorbeeld een terecht bezwaar tegen een besluit vanwege de nadelige milieueffecten op een bepaalde plaats niet gehonoreerd worden omdat de activiteit op die plaats immers paste in een vastgesteld plan, waarvoor geen milieueffectbeoordeling had kantoor huren zwolle plaatsgevonden of benodigd was. De locatie of het tracé van de activiteit of de uitgangspunten ervan konden niet meer ter discussie worden gesteld omdat daarover al in een eerder stadium, op het plan-niveau, was besloten.

Het provinciale milieubeleidsplan

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Het provinciale milieubeleidsplan wordt voorbereid door Gedeputeerde Staten. Gedeputeerde Staten betrekken bij de voorbereiding van het milieubeleidsplan de ingezetenen en belanghebbenden volgens de inspraakverordening (gebaseerd op art. 147 Provw). Het provinciale milieubeleidsplan wordt bekendgemaakt in de Staatscourant; het gemeentelijke milieubeleids- en rioleringsplan in één of meer dag-, nieuws- of huis-aan-huisbladen, evenals het winkel huren amsterdam regionale plan.
9.1 Plannen en programma’s 343
Een gemeentelijk milieubeleidsplan wordt voorbereid door burgemeester en wethouders (art. 4.17 lid 1 Wm), het plan winkel huren leeuwarden van de plusregio door zijn dagelijks bestuur. Ook hierbij wordt inspraak verleend. Burgemeester en wethouders of het dagelijks bestuur maken de vaststelling van het plan bekend in één of meer dag- of nieuwsbladen die in de gemeente(n) verspreid worden.
Op de voorbereiding van het nationale milieuprogramma door de ministers is afdeling 3.4 van de Algemene wet winkel huren rotterdam bestuursrecht van toepassing. Zienswijzen kunnen naar voren worden gebracht door eenieder (art. 4.7 lid 4 Wm). De andere bestuursorganen verlenen inspraak op hun milieuprogramma’s.
De minister kan eventueel aan Provinciale Staten (art. 4.13 lid 1 Wm) een aanwijzing geven over de inhoud van het winkel huren zwolle milieubeleidsplan; Gedeputeerde Staten kunnen aan de gemeenteraad aanwijzingen geven over de inhoud van het gemeentelijk rioleringsplan.

Belemmeringenwet Privaatrecht

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Gedoogplicht Wanneer een lichaam een werk in het openbaar belang moet uitvoeren waarvoor het een onroerende zaak van een ander nodig heeft, wordt in eerste instantie getracht met de rechthebbenden winkel huren amsterdam minnelijk tot overeenstemming te komen. Wanneer dat lukt wordt, meestal, een zakelijk recht op de goederen gevestigd en een schadevergoeding betaald. Zijn de rechthebbenden echter niet bereid mee te werken, dan legt de burgemeester van winkel huren leeuwarden de gemeente waarin het goed ligt, gedurende veertien dagen op
de secretarie een beschrijving en grondtekening van het desbetreffende deel van het werk ter inzage. Deze terinzagelegging wordt gepubliceerd en schriftelijk aan de rechthebbenden medegedeeld. Na afloop van die termijn wordt ter secretarie een zitting gehouden onder voorzitterschap van een lid van het college van Gedeputeerde Staten, in het bijzijn van de burgemeester of een van de wethouders. Op deze zitting kunnen bezwaren worden ingediend en kan winkel huren rotterdam opnieuw overleg worden gepleegd. Wordt ook ter zitting geen overeenstemming bereikt, dan kan de minister van Verkeer en Waterstaat, gehoord Gedeputeerde Staten, de verplichting opleggen de aanleg en instandhouding van het werk te gedogen. De beslissing van de minister wordt gepubliceerd in de Staatscourant, wordt ter secretarie ter inzage gelegd en aan de rechthebbenden medegedeeld. De winkel huren zwolle verplichting gaat over op de rechtverkrijgenden. De uitvoering van de Belemmeringenwet Privaatrecht vindt plaats door de minister van Verkeer en Waterstaat, omdat de meeste problemen zich voordoen bij de uitvoering van waterstaatswerken.

De eigenaars en andere rechthebbenden

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Bij de bouwplanonteigening is het dus niet nodig dat een geldend bestemmingsplan de basis voor de onteigening vormt. Het bouwplan moet zo concreet zijn dat het direct na de verwerving kan worden uitgevoerd. 3 Voorafgaand aan het raadsbesluit over de onteigening past de winkel huren amsterdam gemeente de uniforme openbare voorbereidingsprocedure van afdeling 3.4 van de Awb toe. 4 De gemeenteraad stelt het onteigeningsplan vast, waarna het plan opnieuw ter inzage wordt gelegd en gedurende vier weken bij de Kroon bedenkingen kunnen worden ingebracht door de belanghebbenden die tijdig hun zienswijze in de bij 3 genoemde voorbereidingsprocedure naar voren hebben gebracht. 5 Binnen zes maanden na afloop van de terinzagelegging van de onder 3 genoemde winkel huren leeuwarden voorbereidingsprocedure moet het raadsbesluit tot onteigening aan de Kroon worden gezonden ter goedkeuring. Deze termijn is fataal: indien er niet aan wordt voldaan, vervalt het raadsbesluit. 6 De minister geeft aan de indieners van de bedenkingen de gelegenheid zich te doen horen. 7 Binnen negen maanden nadat het onteigeningsplan door het gemeentebestuur ter goedkeuring is voorgedragen, beslist de Kroon over de goedkeuring. Het besluit wordt met redenen omkleed. De beslissing wordt aan Gedeputeerde Staten, het gemeentebestuur en zo mogelijk aan de eigenaars en andere rechthebbenden toegezonden.
De mogelijkheid bestaat winkel huren rotterdam om het onteigeningsplan te combineren met het bestemmingsplan. In dat geval wordt niet het onteigeningsplan ter visie gelegd, maar wordt in het bestemmingsplan een speciale aanwijzing gegeven over de te onteigenen gronden (art. 13 lid 1 WRO). Het zijn de onderdelen van het plan die in de naaste toekomst verwezenlijkt moeten worden. De zakelijk gerechtigden krijgen daarover een afzonderlijk bericht. Als het onderdeel van het bestemmingsplan rechtskracht verkrijgt, mag de gemeenteraad winkel huren zwolle (binnen drie jaar) direct tot onteigening besluiten, zonder de openbare voorbereidingsprocedure te volgen.

Stadsvernieuwingsplan

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Art. 29 WSDV kent aan de gemeenteraad de bevoegdheid toe om in een gebied waarvoor een leefmilieuverordening geldt, tijdelijk voorzieningen te treffen voor de verbetering van de woon- en werkomstandigheden in of het uiterlijk aanzien van dat gebied. Hierbij kan worden gedacht aan winkel huren amsterdam parkeerterreinen, groenvoorzieningen, speelterreinen enzovoort. Volgens art. 29 lid 3 WSDV is de rechthebbende op de gronden waar de tijdelijke voorzieningen worden getroffen, verplicht om de voorzieningen te gedogen.
Nadat de inspraak is gehouden conform de inspraakverordening, ligt het ontwerp van een leefmilieuverordening vier weken voor eenieder ter inzage, gedurende welke termijn eenieder zijn zienswijze over winkel huren leeuwarden het ontwerp schriftelijk kenbaar kan maken. De uniforme openbare voorbereidingsprocedure van afdeling 3.4 Awb moet worden toegepast (art. 10 WSDV). De gemeenteraad geeft de indieners van zienswijzen de gelegenheid deze toe te lichten. Binnen twaalf weken na afloop van de terinzagelegging beslist de gemeenteraad over de vaststelling van de leefmilieuverordening. Indien het ontwerp gewijzigd is vastgesteld, volgt opnieuw tervisielegging. Eenieder met bedenkingen tegen de wijzigingen, kan zijn zienswijze kenbaar maken bij Gedeputeerde Staten. Gedeputeerde Staten moeten de leefmilieuverordening goedkeuren en binnen dertien weken daarover winkel huren rotterdam beslissen (art. 14 WSDV). Indien binnen die termijn geen beslissing aan de gemeenteraad is toegezonden, wordt de leefmilieuverordening geacht te zijn goedgekeurd (de zogenoemde fictieve goedkeuring).
Ad b Stadsvernieuwingsplan De gemeenteraad is bevoegd naast de leefmilieuverordening een stadsvernieuwingsplan vast te stellen. Een stadsvernieuwingsplan is een plan dat strekt tot behoud, herstel, verbetering, herindeling of sanering van het daarin begrepen gebied (art. 31 WSDV). Het stadsvernieuwingsplan geldt als bestemmingsplan en komt via dezelfde procedure tot stand. Een winkel huren zwolle stadsvernieuwingsplan is een uitvoeringsgericht bestemmingsplan. Bij een stadsvernieuwingsplan kunnen gebieden worden aangewezen, waarbinnen de woningen en andere bebouwing niet meer aan de eisen voldoen en gemoderniseerd of vervangen moeten worden (art. 32 lid 1 WSDV).